Loading...
Meidagen 1940

10 mei – Rotterdam-Zuid

De Commandant der tweede Comp. intendancetroepen, Kapt.K.N.I.L. J.P. Moquette reed, na gewekt te zijn door de aanval op Waalhaven, in een gevorderde auto over de Maasbruggen naar zijn post in de school aan de Joubertstraat. De Maasbruggen waren op dat moment al bezet door de Duitsers.
Deze Kapitein verklaarde met eigen ogen gezien te hebben dat een Zweeds schip militaire lading loste voor de Duitsers ten westen van de Maasbrug in de buurt van de Stieltjesstraat. Mortieren, motoren met zijspan, radiotoestellen en andere legergoederen.

Historici zullen nog vele jaren bezig zijn met de vraag of er wel of geen ‘vijfde colonne’ deel uitmaakte van de aanval op Rotterdam. De consensus is dat deze ‘vijfde colonne’ niet heeft bestaan.

Bij het opzetten van de verdediging van de school in de Joubertstraat bestond discussie door de aanwezige troepen om omliggende huizen deel uit te laten maken van deze verdediging. De Kapitein besliste negatief, hij vreesde noodlottige gevolgen voor de burgerbevolking.

Rond 05:30 kwamen enkele vliegers die een uur geleden opgestegen waren van vliegveld Waalhaven aan bij de school. Uitgeput van de noodlanding werden zij opgevangen. Niet veel later volgde andere troepen gestationeerd op vliegveld Waalhaven. In hun tocht naar de school hadden zij al hun munitie van hun mitrailleurs verschoten tijdens schermutselingen met diverse valschermjagers. Zij waren een welkome versterking en konden voorzien worden van munitie en werden direct in stelling gebracht. Deze kwam kort daarna onder zwaar vuur te liggen.

Tot grote verrassing waren de licht bewapende valschermjagers niet licht bewapend. Hun bewapening bestond uit motoren met zijspan en mitrailleurs, pantserafweergeschut en mortieren.

In korte tijd werden deze posities rondom de school overmeesterd door de Duitsers. Verder strijden achtte de Kapitein nutteloos.

Anders ging het rondom de compagnie Afrikaanderplein. De 1e sectie nam stelling rondom Martinus Steynstraat, Pretorialaan en Putschelaan. Op deze manier werd hun westelijke front afgesloten. De 2de sectie vestigde zich ten noorden van het Afrikaanderplein, de 3de sectie deed dit in het oosten en zuid-oosten. Burgers hielpen de militairen met hun verdedigingswerken.

De 2de sectie had een vuur geopend op naderende Duitse troepen. De bevelhebber van de Duitsers meende dat dit vuur uit een nabijgelegen klooster kwam. De Duitse troepen deden een inval in het klooster der broeders van St. Louis. Twaalf broeders werden opgesloten in de kelder niet voordat zij een granaat naar binnen wierpen.
De broeder-overste diende onder dwang de gewonde Duitse soldaten naar binnen te halen.

Om 08:00 sloot de patrouille, die vroeg in de morgen uitgezonden werd om café Groot Rotterdam te onderzoeken, zich aan bij de aanwezige troepen rondom het Afrikaanderplein.

Langzaamaan werden de posities rondom het Afrikaanderplein omsingeld. Aanvallen werden afgeslagen met achterlating van materiaal door de Duiters. De Duitse pistoolmitrailleurs werden gretig in gebruik genomen door de Nederlandse verdedigers.
Rond 14:20 werd de laatste munitie verdeeld en kwamen ze onder mortiervuur te liggen. De situatie werd steeds uitzichtlozer en om 15:30 hesen de verdedigers de witte vlag.

Heel Rotterdam-Zuid was gevallen, op enkele schermutselingen na en een heel klein westelijk puntje. De petroleumopslagplaatsen van de B.P.M..

Of toch niet?

Bron: De strijd om Rotterdam mei 1940, Geschiedkundige afdeling Ministerie van Oorlog , 1952.

Foto’s: Collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie

Twitterberichten zijn geïnspireerd op transcripties en telegramberichten zoals deze binnenkwamen bij de commandanten van de Nederlandse Strijdkrachten.